Gedicht januari 2018: Entre-nous

Deze maand een gedicht dat al even op de plank ligt. De basis hiervoor legde ik in Zeeland, waar ik in het voorjaar van 2017 een paar dagen schrijvend doorbracht met A. en N. Zo herinneren mijn eigen woorden me niet alleen aan het landschap waar het over gaat, maar ook aan het waardevolle gezelschap dat ik had. Entre-nous, op vele manieren.

Illustratie: Handan Arik
Meer gedichten: www.52gedichten.nl

 

Entre-nous

Gewillig op een rij, als zusters uit een groot gezin
leunen ze licht, niet op elkaar, maar op de wind.

De loten zijn vertrokken en de pruiken afgezet.
In holtes dragen ze hun vogels en het kreunen

van een blauwe nacht:

tenen, bloot, een mand, het wassen
van andermans onschuld.

Een kerkklok slaat de kale dag op zijn plaats.
Op de weg staan strepen.

 

 

Dit bericht is geplaatst in poëzie. Bookmark de permalink.