Redderen

Dieren redden uit het buitenbad
daar waren mijn zusje en ik goed in.
Hommels, rupsen, spinnen, vliegen
ook mieren hielpen wij op de kant.
De wereldorde in onze handen.

Als wij naar huis gingen, namen anderen
het over. Of er was geen nood meer
ook dat zou kunnen, het is lang geleden
toen we nog geen journaal keken
of beelden zagen zonder bloed.

Wij sliepen met eendagsvleugels
droegen dromen door de nacht
wonnen de nobelprijs voor de vrede:
perpetuum mobile van wereldredders.
Op onze voeten een kat.

Dit bericht is geplaatst in 52 gedichten met de tags . Bookmark de permalink.